van-start-gaanTwee unieke samenwerkingsprogramma’s van start:
Kansen voor West en Interreg

Triple-E & ARQ lanceerden op 6 juni 2016 twee complementaire samenwerkingsprogramma’s: Kansen voor West en Interreg. Het doel is ontwikkelen, onderzoeken en implementeren van eHealth-projecten. Beide trajecten hebben een looptijd van vier jaar. 

Stichting Arq, voluit Arq Psychotrauma Expert Groep, is een groep van instellingen en organisaties die zich bezighoudt met de gevolgen van schokkende gebeurtenissen en psychotrauma.

Triple-E en Arq namen eerder deel aan het eHealth-project Inpreze, een kennisplatform voor Internet Preventie en Zelfhulp in de GGZ. Inpreze onderzocht welke toepassingen geschikt zijn voor de dagelijkse zorgpraktijk. Kansen voor West en Interreg zijn vervolgprogramma’s. Ze zijn complementair in hun doelstelling en aanpak. Ze richten zich respectievelijk op de regio (Randstad) en op Noordwest Europa (Nederland, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Ierland, België).

In Nederland kunnen de programma’s de samenwerking in GGZ-land verbeteren: veel projecten werden tot nu toe geïsoleerd uitgevoerd en de resultaten bleven vaak onbekend. Kansen voor West is regio-overstijgend omdat ook GGZ Nederland hieraan deelneemt. Bij Interreg wordt samengewerkt in een intensief netwerk. Hier kunnen de ervaringen van Europese partners belangrijke kennis opleveren. Het is de bedoeling cliënten structureel te laten deelnemen aan de projecten, door middel van een cliëntenpanel. Hun inbreng is onmisbaar voor de ontwikkeling van goede en duurzame eHealth toepassingen.

Een groot verschil met andere programma’s is de manier waarop men tot evidentie komt. De huidige gouden standaard is de ‘randomized control trial’. Dergelijke trials duren vaak lang en zijn niet eenvoudig te realiseren. Dankzij de unieke samenwerking van onderzoekers, behandelaars en bedrijven kan ook ‘practice based’ evidentie een rol spelen. Zo ontstaat een ‘lerend netwerk’, waarbinnen kennisontwikkeling een centrale plaats inneemt. Dat levert als het ware een ‘kennisversnelling’ op. Door alle acties te toetsen en uit te werken wordt het mogelijk duurzame interventies te ontwikkelen. De toetsing van kennis, het implementatie-onderzoek en het ontwikkelen van applicaties vinden gelijktijdig en naast elkaar plaats. Deze krachtenbundeling en de combinatie van praktijk en onderzoek, die elkaar versterken, maken het mogelijk een duurzame basis-infrastructuur te ontwerpen waarop in de toekomst kan worden voortgebouwd.

clientenpanel