nieuws berichten voor op de voorpagina


Ben je student en heb je last van een sombere stemming? Of voel je je regelmatig nerveus of opgejaagd? Dit komt vrij vaak voor onder studenten, je bent dus niet de enige die hier last van heeft. Het is heftig, en kan een negatief effect hebben op je studieprestaties. Dat helpt je ook niet echt! We denken dat ICare Prevent je wél kan helpen.

ICare Prevent is een online programma dat speciaal is ontwikkeld voor studenten met milde klachten, die hun stemming willen verbeteren. De training zelf duurt maximaal zeven weken, vier weken daarna volgt nog een laatste sessie.

We onderzoeken nu de effectiviteit van dit programma. De deelnemers aan het onderzoek worden verdeeld over drie groepen: 1 groep krijgt de standaard zorg (dus niet online), 1 groep volgt de online training zonder begeleiding en 1 groep volgt de online training met begeleiding. Er staat geen vergoeding tegenover, maar je weet wel zeker dat er aan je klachten gewerkt gaat worden. Wil je deelnemen of meer weten? Stuur een e-mail naar icare.fgb@vu.nl. We antwoorden je binnen 24 uur.

Stemmen horen is een veelvoorkomend verschijnsel; veel mensen kunnen er last van hebben. Niet iedereen die stemmen hoort heeft baat bij de gebruikelijke behandelmogelijkheden, zoals cognitieve gedragstherapie en medicatie. Temstem is een laagdrempelige en praktische app om meer controle te krijgen over de stemmen. De app kan in het dagelijks leven en op ieder moment van de dag worden gebruikt.

Stemmen horen
Ongeveer 13% van de volwassenen hoort ooit in zijn of haar leven stemmen (Beavan, Read, & Cartwright, 2011). De stemmen kunnen beledigen, bevelen,  commentaar geven of zelfs bedreigen. Bij de meeste mensen is dit van korte duur, of ze luisteren er niet naar en het lukt hen de stemmen te negeren. Er zijn echter ook mensen die er heel veel last van hebben. In 2012 onderzochten onderzoekers, clinici en patiënten van Parnassia samen met studenten van de TU Delft waar deze patiënten behoefte aan hadden voor hun herstel. Uit deze analyse ontstonden een aantal concepten, die vervolgens door professionele ontwerpers zijn uitgewerkt. Eén daarvan is Temstem.

Taalspellen
Temstem is een app voor mensen die stemmen horen. Het bevat twee taalspellen, Taaltikker en Woordlink. Bij Taaltikker verschijnt er een woord waarbij je het aantal lettergrepen van dat woord moet aantikken op het scherm. Bij Woordlink moet je woordcombinaties maken van woorden. De gebruiker kiest als eerste het spel dat hij wil spelen, daarna maakt hij een keuze of hij de stemmen wil dimmen of aanpakken.

Dimmen
Het doel van dimmen is directe controle krijgen over de stemmen zodra deze optreden. Als iemand stemmen hoort, zijn de taalproductiegebieden in de hersenen actief. Wanneer je deze specifieke gebieden op een andere manier activeert, bijvoorbeeld door een taalpuzzel in te vullen, wordt het signaal van de stemmen tijdelijk onderdrukt (Green & Kinsbourne, 1990). De stemmen gaan naar de achtergrond of verdwijnen helemaal. Als iemand dus bijvoorbeeld van stemmen de opdracht krijgt om voortijdig de bus te verlaten, kan hij de dimmen-functie van Temstem erbij pakken en de stemmen op die manier tijdelijk onderdrukken. Zo kan hij de rit toch afmaken.

Aanpakken
De tweede functie heet Aanpakken. Deze is gebaseerd op de werking van EMDR. Bij EMDR halen mensen een visuele herinnering op en voeren tegelijkertijd een tweede taak uit die het werkgeheugen belast. Op termijn wordt de herinnering minder levendig en emotionerend (Engelhard, van den Hout, Janssen, & van der Beek, 2010; Van Den Hout, Muris, Salemink, & Kindt, 2001). Bij Aanpakken wordt de gebruiker gevraagd terug te denken aan een auditieve herinnering van het stemmen horen, terwijl hij of zij Temstem speelt (werkgeheugentaak). Wij verwachten dat hierdoor de herinneringen – en op termijn ook de stemmen zelf – bij een deel van de gebruikers minder levendig en emotioneel worden.

Tim
Tot slot is er de avatar Tim. Die geeft tijdens en na het gebruiken van de app positieve feedback, om zo het zelfvertrouwen een boost te geven. De meeste mensen die stemmen horen hebben namelijk over het algemeen een laag zelfbeeld. Dit kan een relatie hebben met het lijden onder de stemmen. Door het zelfbeeld te versterken neemt de kans toe dat zij zich minder zullen aantrekken van de stemmen (Van Der Gaag, Van Oosterhout, Daalman, Sommer, & Korrelboom, 2012).

De studie
Uit een pilot-onderzoek met een prototype in 2013 bleek dat de app positief werd gewaardeerd. Twee van de acht deelnemers hoorden aan het einde van het onderzoek zelfs geen stemmen meer. Begin 2016 is de hoofdstudie opgezet, een randomized controlled trial (RCT). Met deze studie onderzoeken wij of Temstem zorgt voor vermindering van stress en voor verbetering van het sociaal functioneren in het dagelijks leven.

Deelname
Aan de Temstem trial werken twaalf instellingen mee. Elk behandelteam wordt vooraf geïnformeerd over de studie. Vervolgens vullen de behandelaren samen met patiënten, waarvan zij vermoeden dat zij stemmen horen, een screeningslijst in. De afdeling Onderzoek & Innovatie van Parnassia in Den Haag selecteert op grond van de screeningslijsten patiënten die aan de criteria voldoen. Zij krijgen informatie over de studie en worden uitgenodigd voor deelname.

Het traject
Het onderzoek duurt tien weken. Tijdens dit traject zijn er vijf afspraken met de onderzoekers. Hierbij wordt een interview afgenomen en worden enkele vragenlijsten doorlopen. Ook vullen de deelnemers tien weken lang dagelijks een korte vragenlijst in met vragen over de afgelopen dag via een andere app: de Experience Sampling Method (ESM, ook wel EMA genoemd). Die vragen gaan bijvoorbeeld over de stemming en of men stemmen hoorde. Verder zijn er drie periodes (baseline, post-treatment en follow-up) van zes dagen waarbij de deelnemers tien keer per dag kort kunnen aangeven hoe zij zich voelen, wat zij aan het doen zijn op het moment dat de vragenlijst verscheen etc. Dit geeft een goed beeld van hun dagelijks leven.

Twee condities
Tijdens de tweede afspraak van het onderzoek worden de deelnemers gerandomiseerd in één van de twee condities: de controlegroep of de Temstem groep. De Temstem groep mag tijdens het onderzoek, naast de ESM app, vijf weken lang de Temstem app gebruiken, daarna niet meer. Op deze manier kunnen wij kijken naar een eventueel langetermijn effect. De deelnemers ontvangen een leentelefoon tijdens het onderzoek en na afronding een kleine compensatie voor de gemaakte reiskosten.

Uitdagingen
Dit onderzoek heeft veel uitdagingen met zich meegebracht. Technische problemen hebben vaak te maken met het compatibel houden van de app met de smartphone. De ontwikkelingen op het gebied van smartphones gaan snel en zijn voor onderzoekers moeilijk bij te benen. De app werkt perfect op het ene moment; op het andere moment is hij ‘verouderd’ en presteert hij bijna niet meer. Deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten houden, hierin durven te investeren en een goede samenwerking met de appbouwers zijn voor ons erg belang­­­­­­­rijk gebleken.

Toekomst
Wij willen in totaal 100 deelnemers includeren. Momenteel (juni 2017) zijn er meer dan 60 deelnemers en hebben wij nog acht maanden om nieuwe deelnemers bij de studie te betrekken. Als in 2018 blijkt dat de app effectief is en/of positief wordt gewaardeerd, wordt de app verder geïmplementeerd in Nederland. Dit zal gebeuren door behandelaren kort te trainen en door Temstem bekend te maken via (inter)nationale congressen en publicaties. Daarnaast hopen wij ook dat de app vertaald kan worden, bijvoorbeeld naar het Engels. Op die manier wordt het bereik veel groter.

Meer informatie:
Website: www.temstem.nl
Ervaring van twee deelnemers: https://www.youtube.com/watch?v=s7kD-BFeqtQ&t=49s
Trial Registry: http://www.isrctn.com/ISRCTN75717636#
Via de PlayStore en de App store is temstem gratis te downloaden.

Referenties
Beavan, V., Read, J., & Cartwright, C. (2011). The prevalence of voice-hearers in the general population: a literature review. Journal of Mental Health (Abingdon, England), 20(3), 281–292.
Engelhard, I. M., van den Hout, M. A., Janssen, W. C., & van der Beek, J. (2010). Eye movements reduce vividness and emotionality of “ flashforwards.” Behaviour Research and Therapy, 48(5), 442–447.
Green, M. F., & Kinsbourne, M. (1990). Subvocal activity and auditory hallucinations: Clues for behavioral treatments? Schizophrenia Bulletin, 16(4), 617–625.
Van Den Hout, M., Muris, P., Salemink, E., & Kindt, M. (2001). Autobiographical memories become less vivid and emotional after eye movements. British Journal of Clinical Psychology, 40, 121–130.
Van Der Gaag, M., Van Oosterhout, B., Daalman, K., Sommer, I. E., & Korrelboom, K. (2012). Initial evaluation of the effects of competitive memory training (COMET) on depression in schizophrenia-spectrum patients with persistent auditory verbal hallucinations: A randomized controlled trial. British Journal of Clinical Psychology, 51(2), 158–171.

Op 15 en 16 juni vindt in Bern de Final Meeting van E-Compared plaats. E-Compared deed gedurende drie jaar onderzoek naar het klinische effect en de kosteneffectiviteit van de blended behandeling van depressie. Het doel was stakeholders in de GGZ te voorzien van evidence-based informatie en aanbevelingen. Er is onderzoek verricht door en in elf Europese landen. Op dit moment wordt er hard gewerkt aan de voorbereiding van de slotbijeenkomst, die zowel voor researchers (dag 1) als voor stakeholders (dag 2) wordt georganiseerd. De uiteindelijke resultaten van de onderzoeken worden eind 2017 gepresenteerd, maar de Final Meeting biedt natuurlijk al veel interessante informatie. Het programma is te vinden op de website van E-Compared.

Op 11 juli 2017 vindt het eerste in Nederland georganiseerde eMEN seminar plaats. Ondanks snelle technologische ontwikkelingen blijft grootschalige inzet van e-mental health in de GGZ tot nu toe uit. eMEN is een groot Europees e-health project dat de kansen die de technologie ons biedt optimaal wil toepassen in de GGZ, zodat deze betaalbaar en voor iedereen toegankelijk blijft.
Het komende seminar richt zich op de praktische kant van e-health implementatie, met de thema’s: privacy, technologische uitdagingen en kwaliteit.
Het wordt een middag vol inspirerende Nederlandse en internationale sprekers.

Geïnteresseerd? Meld je hier aan.

Datum: dinsdag 11 juni 2017
Tijd: 12:00 – 17:00
Locatie: HILTON AMSTERDAM, Apollolaan 138, 1077 BG Amsterdam.
Deelname aan het seminar is gratis.
eMEN wordt gefinancierd door Interreg Noord West Europa en Provincie Noord-Holland. Lees meer over eMen.

Het volgen van een online therapie kan een effectieve manier zijn om van een depressie af te komen. Sommige van deze therapieën zijn zelfstandig te volgen, maar meestal is er nog enige begeleiding door een therapeut of coach. Interventies waarbij geen begeleiding nodig is, zijn in principe laagdrempeliger en eenvoudiger op te schalen, maar begeleide behandelingen blijken vaak toch nog effectiever. In dit onderzoek willen we de kloof tussen begeleide en onbegeleide behandelingen verkleinen door de begeleiding geheel of voor een deel te automatiseren met behulp van embodied conversational agents.

Misschien kent u ‘embodied conversational agent (ECA)’ onder een ander naam, bijvoorbeeld avatar of virtual character. ECA is de academische term voor het concept dat wordt samengevat als “humanlike conversational AI (Artificial Intelligence) entities”. De website https://www.chatbots.org/ heeft hiervoor inmiddels 161 synoniemen geïdentificeerd. Een korte definitie is hier op zijn plaats. Het gaat om computerprogramma’s die (1) gebruikmaken van (een menselijke) vorm op bijvoorbeeld een computerscherm, (2) op een menselijke manier kunnen communiceren met een gebruiker, en (3) kunstmatige intelligentie (AI) gebruiken om intelligent gedrag te vertonen. De balans tussen deze drie elementen kan enorm verschillen, evenals de complexiteit waarmee ze worden toegepast. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het verschil tussen een chatbot, in de vorm van een plaatje, die uw vragen beantwoordt in een webwinkel, en een realistisch uitziend figuur in een computerspel waarmee nauwelijks interactie mogelijk is.

Van ELIZA naar Ellie
Het klassieke voorbeeld van een chatbot binnen de psychologie is ELIZA, die reeds in 1966 werd ontwikkeld door Joseph Weizenbaum. ELIZA simuleert een Rogeriaanse psychotherapeut. Op http://www.masswerk.at/elizabot/ kunt u zelf met Eliza communiceren. Eén van de zaken waarmee ELIZA veel moeite heeft – evenals de huidige computers – is interpretatie. Daarom zal het waarschijnlijk nog wel even duren voor computers de begeleidende gesprekken overnemen van de psycholoog. Natuurlijk heeft de ontwikkeling sinds 1966 niet stilgestaan. Met name het volgende Youtube-filmpje van virtuele gesprekspartner ‘Ellie’, spreekt erg tot de verbeelding: https://www.youtube.com/watch?v=ejczMs6b1Q4. Kunnen we nu iets met deze technologie in de dagelijkse praktijk?

Literatuuronderzoek
In onze eerste studie brachten we het onderzoeksveld in kaart door middel van literatuuronderzoek. In totaal identificeerden we 49 studies die een ECA gebruikten in een interventie voor mensen met veelvoorkomende psychische klachten. We wilden met name te weten komen hoeveel ondersteunend bewijs er was voor de toepassing van dergelijke interventies. Waren de interventies die we vonden al effectief en veilig genoeg voor toepassing in de klinische praktijk, was er wellicht een veelbelovende oplossing waarmee we meteen aan de slag konden, of zouden we toch voor onze eigen aanpak moeten kiezen?

Relatief nieuw
We concludeerden dat de meeste interventies zich nog in de ontwikkelings- en pilotfase bevonden. De studies hielden zich voornamelijk bezig met het uitproberen van nieuwe ideeën en met de vraag of deze überhaupt uitvoerbaar zouden zijn. Slechts weinig studies konden uitspraken doen over welke factoren belangrijk zijn om nieuwe technologieën in de praktijk te kunnen brengen: Verminderen de symptomen? Is de behandeling veilig? Wat zijn de langetermijngevolgen? Zijn ECA-interventies effectiever dan wat we op dit moment al doen? Uiteraard is dit niet zo verrassend: we hebben immers met een relatief nieuwe onderzoekslijn te maken en pas sinds 2009 neemt het aantal studies duidelijk toe.

Simpel maar doeltreffend
Daarnaast is het ontwikkelen van een ECA-systeem als Ellie bepaald geen sinecure. Er zijn experts uit verschillende disciplines bij nodig, zoals computerwetenschappers en psychologen. Het implementeren van de verschillende benodigde componenten zoals een dialoog-engine of geautomatiseerd non-verbaal gedrag kan vervolgens jaren in beslag nemen. Door de complexiteit wordt het er niet makkelijker op om ethische commissies of mensen uit de dagelijkse praktijk te overtuigen dat het geen kwaad kan de technologie met patiënten te testen. Om toch binnen de termijn van een promotietraject tot klinisch relevant bewijs te komen besloten we tot een ‘low-tech’ aanpak: virtuele karakters die nog wel aan alle criteria van een ECA voldoen, maar stukken eenvoudiger in elkaar zitten dan bijvoorbeeld Ellie. Verder beperkten we ons tot een methode en resultaatmeting die binnen veel interventies van belang zijn: Ecological Momentary Assessment (EMA) en therapietrouw.

Ecological Momentary Assessment en therapietrouw
Bij EMA worden iemands gedragingen of ervaringen herhaaldelijk gemeten in diens eigen omgeving. EMA is te vergelijken met het bijhouden van een stemmingsdagboek, zodat bijvoorbeeld later in een therapiesessie kan worden nagegaan of een slechte stemming het gevolg was van bepaalde gebeurtenissen. Inmiddels worden papieren dagboeken geleidelijk vervangen door smartphone apps die op specifieke tijdstippen een herinnering kunnen sturen. Therapietrouw (adherence) is in het geval van EMA lekker concreet: het gaat om het wel of niet beantwoorden van de automatisch gestelde vragen.

Motivatie
We gingen ermee aan de slag in onze tweede studie. Hierin onderzochten we of we met eenvoudige visuele feedback een grotere therapietrouw konden bereiken en of we bij het geven van die feedback rekening moesten houden met individuele verschillen in motivatie. In een smartphone-onderzoek werd gedurende drie weken driemaal daags de stemming van deelnemers gemeten met een EMA-app. De helft van de deelnemers werd hiervoor telkens bedankt door een avatar die hun gerapporteerde stemming visueel spiegelde. Het doel hiervan was te kijken of we laag-gemotiveerde deelnemers extra konden motiveren door het systeem een gezicht te geven waarin zij zich konden herkennen. Het waren echter niet de laag-gemotiveerde, maar de hoog-gemotiveerde deelnemers die van deze toepassing profiteerden en een grotere therapietrouw ontwikkelden. Een belangrijke les die we in deze studie leerden was dus dat feedback geven niet zomaar altijd effectief hoeft te zijn, en mogelijk zelfs averechts kan werken.

Vervolgproject
In het vervolg van dit project ontwikkelen we een nieuwe en generieke EMA-applicatie. Binnen deze applicatie komt meer ruimte voor geautomatiseerde ondersteuning, bijvoorbeeld door meer  gepersonaliseerde feedbackberichten. Voortbordurend op het paradigma van de tweede studie zal uiteindelijk onderzocht worden of het toepassen van geautomatiseerde feedback tot een hogere therapietrouw leidt.