De therapeutische relatie tussen patiënt en behandelaar is een belangrijke factor voor effectieve psychotherapie. In blended cognitieve gedragstherapie wordt een aantal face-to-face sessies vervangen door online sessies.

Smart Mental Health: Accessible, Acceptable & Cost-Effective. Onder die titel publiceerde Heleen Riper 25 mei 2016 in het Spaanse SmartHealth webmagazine een gast-column. Ze heeft goed nieuws maar ook minder goed nieuws. Lees hier de column (Engelstalig)

van-start-gaanTwee unieke samenwerkingsprogramma’s van start:
Kansen voor West en Interreg

Triple-E & ARQ lanceerden op 6 juni 2016 twee complementaire samenwerkingsprogramma’s: Kansen voor West en Interreg. Het doel is ontwikkelen, onderzoeken en implementeren van eHealth-projecten. Beide trajecten hebben een looptijd van vier jaar. 

Stichting Arq, voluit Arq Psychotrauma Expert Groep, is een groep van instellingen en organisaties die zich bezighoudt met de gevolgen van schokkende gebeurtenissen en psychotrauma.

Triple-E en Arq namen eerder deel aan het eHealth-project Inpreze, een kennisplatform voor Internet Preventie en Zelfhulp in de GGZ. Inpreze onderzocht welke toepassingen geschikt zijn voor de dagelijkse zorgpraktijk. Kansen voor West en Interreg zijn vervolgprogramma’s. Ze zijn complementair in hun doelstelling en aanpak. Ze richten zich respectievelijk op de regio (Randstad) en op Noordwest Europa (Nederland, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Ierland, België).

In Nederland kunnen de programma’s de samenwerking in GGZ-land verbeteren: veel projecten werden tot nu toe geïsoleerd uitgevoerd en de resultaten bleven vaak onbekend. Kansen voor West is regio-overstijgend omdat ook GGZ Nederland hieraan deelneemt. Bij Interreg wordt samengewerkt in een intensief netwerk. Hier kunnen de ervaringen van Europese partners belangrijke kennis opleveren. Het is de bedoeling cliënten structureel te laten deelnemen aan de projecten, door middel van een cliëntenpanel. Hun inbreng is onmisbaar voor de ontwikkeling van goede en duurzame eHealth toepassingen.

Een groot verschil met andere programma’s is de manier waarop men tot evidentie komt. De huidige gouden standaard is de ‘randomized control trial’. Dergelijke trials duren vaak lang en zijn niet eenvoudig te realiseren. Dankzij de unieke samenwerking van onderzoekers, behandelaars en bedrijven kan ook ‘practice based’ evidentie een rol spelen. Zo ontstaat een ‘lerend netwerk’, waarbinnen kennisontwikkeling een centrale plaats inneemt. Dat levert als het ware een ‘kennisversnelling’ op. Door alle acties te toetsen en uit te werken wordt het mogelijk duurzame interventies te ontwikkelen. De toetsing van kennis, het implementatie-onderzoek en het ontwikkelen van applicaties vinden gelijktijdig en naast elkaar plaats. Deze krachtenbundeling en de combinatie van praktijk en onderzoek, die elkaar versterken, maken het mogelijk een duurzame basis-infrastructuur te ontwerpen waarop in de toekomst kan worden voortgebouwd.

clientenpanel

Triple-E & ARQ lanceren op 6 juni 2016 de start van twee geïntegreerde samenwerkingsprojecten: Kansen voor West en Interreg.Het doel is ontwikkelen, onderzoeken en implementeren van eHealth-projecten. Beide trajecten hebben een looptijd van vier jaar. Een interview met de bedenkers Jan Schaart (Stichting Arq) en Heleen Riper (VU).

door Marleen Swenne, DPVS

Jan Schaart is lid van de Raad van bestuur van Stichting Arq, voluit Arq Psychotrauma Expert Groep, een groep van instellingen en organisaties die zich bezighoudt met de gevolgen van schokkende gebeurtenissen en psychotrauma.

Heleen Riper is Hoogleraar eMental-Health/ Klinische Psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam & GGZinGeest, Nederland en honorary professor aan de Southern University van Odense, Denemarken, Telepsychiatry Centre.

Schaart en Riper werkten eerder samen in het eHealth-project Inpreze, een kennisplatform voor Internet Preventie en Zelfhulp in de GGZ, waarbij ze onderzochten welke toepassingen geschikt waren voor de dagelijkse zorgpraktijk. Zie www.inpreze.nl.

Jan Schaart

Jan Schaart

geen losse flodders
“In Inpreze wilden we toepassingen ontwikkelen die werkten, geen losse flodders”, aldus Schaart. “Arq werkt op het scheidsvlak van onderzoek en implementatie, met de nadruk op de implementatie. eHealth past erg bij onze organisatie, wij hebben het nodig in onze praktijk en wij willen innovatief zijn. Met Kansen voor West kunnen we ons in de regio Amsterdam richten op het verder ontwikkelen van applicaties voor de preventie en behandeling van mensen met psychische problemen. Zulke applicaties zijn nuttig voor de hele psychiatrie en zelfs psychiatrie-overstijgend.”

robuust
Riper: “Uniek aan Kansen voor West en Interreg is de samenwerking van drie domeinen: onderzoekers, behandelaars en bedrijven.

Heleen Riper

Heleen Riper

Kansen voor West en Interreg zijn complementair in hun doelstelling en aanpak. Ze richten zich respectievelijk op de regio (Randstad) en op Noordwest Europa (Nederland, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië, Ierland, België). In Nederland kan dit de samenwerking in GGZ-land verbeteren: veel projecten werden tot nu toe geïsoleerd uitgevoerd en de resultaten bleven vaak onbekend. Door deze krachtenbundeling hoeven we niet opnieuw het wiel uit te vinden en zullen we makkelijker dan voorheen interventies kunnen delen en implementeren. Alle elementen van lange en kortdurende behandeling, inclusief nazorg, zitten erin. Door deze combinatie van praktijk en onderzoek, die elkaar versterken, bereik je duurzaamheid (sustainability). Met deze twee projecten willen we een infrastructuur neerzetten die robuust genoeg is om op voort te bouwen.”

Intensief netwerk
Schaart: “We kunnen in de programma’s tegelijkertijd kennis toetsen en implementatie-onderzoek  doen. Bovendien is Kansen voor West regio-overstijgend doordat GGZ Nederland eraan gaat meedoen. Bij Interreg werken we samen met Europese partners. We willen uiteindelijk beleid ontwikkelen dat ook praktisch kan worden toegepast: je hebt evidence based applicaties nodig om te bepalen wat werkbaar is en wat we gaan inzetten. Je kunt de projecten zo aansturen dat je probeert er ook wat nieuws uit te halen. Essentieel is dat je constant werkt met een intensief netwerk.”

Riper: “De centrale vraag bij Kansen voor West is: ‘Hoe kun je zorgen dat games gericht op de GGZ ook daadwerkelijk geïmplementeerd en gebruikt kunnen worden?’ Wij kunnen onderzoeken of ze werken of niet, Arq selecteert welke projecten geïmplementeerd worden en onderzoekt hoe dat verzekeringstechnisch en financieel gestalte krijgt. Het Europese project beoogt hetzelfde maar dan op West-Europese schaal. Er zijn meer deelnemers en het is ook inhoudelijk breder dan Kansen voor West.”

Kennisversnelling
Heleen: “Er is een groot verschil met andere programma’s wat betreft de manier waarop je tot evidentie komt. De huidige gouden standaard is de ‘randomized control trial’. Dergelijke trials duren vaak lang en zijn niet eenvoudig te realiseren. Nu zijn we op zoek naar een methode waarbij je ook ‘practice based’ evidentie door onderzoek kunt bekrachtigen. Stel dat we bij Arq een blended behandeling op effectiviteit onderzoeken en het werkt, dan hoef je in Duitsland niet hetzelfde te onderzoeken. Door ook samen te werken op het gebied van kennisontwikkeling krijg je ook een soort kennisversnelling. Kleine bedrijfjes die allerlei interessante dingen ontwikkelen, weten meestal niet hoe ze hun product in de markt kunnen zetten omdat ze geen ervaring hebben met grootschaligheid. We hebben met deze programma’s een basis gelegd voor een ‘lerend netwerk’, bestaande uit professionals, onderzoekers en het mkb. Nu gaan we alle acties handen en voeten geven zodat duurzame interventies mogelijk worden.”

Cliëntenpanel 
Jan: “Het is een spannende periode. Begin juni is in Lille de aftrap gegeven voor het Europese programma. Alle projecten die zijn gehonoreerd zaten er bij elkaar. Wij volgen nauw hoe de projecten zich ontwikkelen. Op dit moment onderzoeken we ook hoe we cliënten structureler kunnen laten deelnemen aan de projecten. Het plan is om cliëntenpanel te betrekken bij de drie domeinen. Nog los van het feit dat het heel erg leuk is om zo’n panel op te zetten, is hun inbreng onmisbaar voor goede en duurzame eHealth toepassingen.

 


Interreg

Interreg is een EU platform voor eGGZ innovatie en implementatie met publieke en private partners. Interreg wil het gebruik van eHealth binnen de Europese ggz stimuleren en vergroten.

38% van de EU-bevolking lijdt elk jaar aan een psychische aandoening en de vraag naar geestelijke gezondheidszorg stijgt. Dit leidt tot substantiële verhoging van economische en sociale lasten. Door het inzetten van innovatieve en hoogwaardige eGGZ (eHealth)producten zullen deze lasten verminderen. Er zijn echter specifieke uitdagingen en regionale verschillen met betrekking tot het inzetten van eGGZ voor preventie en behandeling. Gemiddeld wordt er slechts bij 8% van de GGZ behandelingen in NWEuropa eHealth ingezet. Daarnaast is er in de EU een substantiële latente GGZ vraag van gemiddelde 6,8%. Na afronding van het project zal het gemiddelde gebruik van eGGZ zijn gestegen met tot 15%. Dit draagt direct bij aan de economische ontwikkeling en innovatiecapaciteit van de regio: groei van het aantal eHealth mkb’s, lagere kosten voor gezondheidszorg en verbeterde GGZ.

Kansen voor West

Kansen voor West is het samenwerkingsverband van de vier randstadprovincies (Noord- en Zuid-Holland, Utrecht en Flevoland) en de vier grote steden Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht. Deze acht hebben voor de tweede keer gezamenlijk een programma gemaakt om de regionale economie in de Randstad een innovatieve impuls te geven. Dit gebeurt door het geven van subsidies aan het bedrijfsleven in de regio. Het programma wordt voor een belangrijk deel gefinancierd door het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO).